Verslaafd gedrag, dat zo moeilijk te veranderen valt, is het gevolg van hoe het individu met middelen is omgegaan, waarbij dat gedrag mee wordt bepaald door breinmechanismen in interactie met omgevingsfactoren. Wat we over ‘breinmechanismen in interactie’ weten, kan bijdragen aan het begrijpen van verslaving en het kan richting geven aan het werken aan herstel. Dit artikel bekijkt meer specifiek de rol van dopamine op verlangen en hunkering bij verslavingsgedrag. Deze belangrijke neurotransmitter van het beloningssysteem blijkt de interactie te coderen tussen de psychologische ‘beschikbaarheid’, ‘het is te krijgen’ en het motorische zoekgedrag, dat beleefd wordt als een sterke hunkering. Beloningsonzekerheid of het hinderen van de beschikbaarheid beïnvloeden de dopamine-uitstoot en dus ook het verslavingsgedrag. Dat zijn contextfactoren waarop de gebruiker impact kan hebben. Van verslavende middelen en gokken is geweten dat deze juist die dopamine kunstmatig verhogen. Daardoor wordt het verlangensysteem verstoord en dat verklaart de stuurloosheid waar mensen mee worstelen tijdens hun persoonlijk herstel. Van de eerste inname van een middel tot het volgehouden herstel spelen de verslavingsmechanismen, de interactie tussen omgeving en brein, een rol.